Op woensdag 10 juli 2019 ontving Minister Koolmees aanjager Roos Wouters samen met Hans Biesheuvel, voorzitter van ONL, op het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) om de petitie Nee tegen verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor ZZP in ontvangst te nemen.
Koolmees legde Roos en Hans uit hoe het zo gekomen was dat een verplichte AOV voor zzp’ers in het pensioenakkoord beland was en dat er, ondanks hun bezwaar, helaas niets meer aan te doen is. Wel nodigde hij de Werkvereniging en ONL uit om aan te schuiven bij de andere partijen die gevraagd zijn om invulling aan deze verplichte AOV te geven. ‘Als jullie hier liever een basisverzekering voor alle werkenden van willen maken, dan kunnen jullie dat inbrengen,’ alsdus Koolmees.
Hierop lieten Roos en Hans de minister in een geanimeerd gesprek weten dat zij het Ministerie van SZW graag ideeën aandragen en ook bereid zijn om met hen te onderhandelen over mogelijke oplossingen. Maar dat zij niet bereid zijn om aan te schuiven bij de onderhandelingen met de traditionele vertegenwoordigers van werkgevers, werknemers en ondernemers, ook wel ‘de polder’ genoemd.
‘Deze partijen zijn zo druk bezig met het verdedigen van eerder behaalde verworvenheden, dat ze niet goed meer in staat zijn om vorm te geven aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt. En al begrijpen wij heel goed dat werkgeversorganisaties als VNO-NCW en werknemersorganisaties als FNV tegengestelde deelbelangen hebben die ze verdedigen omdat het moeilijk aan hun achterban valt uit te leggen wanneer ze op de eerder gemaakte beloften terugkomen. Toch vraagt de arbeidsmarkt op dit moment om zulke grote hervormingen dat de nadruk nu op de gedeelde belangen van alle werkenden moet komen te liggen,’ aldus Roos.
De Werkvereniging en ONL geloven dan ook dat dit vraagt om een alternatieve onderhandelingstafel waar politiek en andere arbeidsmarktpartijen aan kunnen schuiven om, ongehinderd door eerder gemaakte ‘polder beloftes’, invulling te geven aan die toekomstgerichte arbeidsmarkt.
De minister liet verbaasd weten dat, wanneer we niet bereid zijn om aan te schuiven bij de traditionele polderpartijen, onze ideeën dan ook niet gehoord worden. Daarop drukte Roos de minister op het hart dat burgers tijdens de Tweede Kamerverkiezingen op politieke partijen stemmen en niet op FNV, MKB-Nederland of VNO-NCW. ‘Het is toch de taak van een minister om de algemene belangen van de burger te vertegenwoordigen? Wanneer de huidige polderpartijen al decennia niet meer instaat blijken om moeilijke knopen door te hakken of om tot compromissen te komen die ook tot uitvoerbaar beleid leiden, dan is het toch de verantwoordelijkheid van de minister van SZW om hier verandering in aan te brengen? Natuurlijk heb je als minister mandaat nodig voor het maken van beleid, maar het is toch ook aan de minister om te beslissen welke partijen je het mandaat geeft om tot een constructieve en uitvoerbare invulling van arbeidsmarktbeleid te komen?’
De minister leek blij verrast door onze ambitieuze vastberadenheid en liet weten dat we onze plannen direct naar hem kunnen mailen. Nu maar hopen dat hij net zo vastberaden en ongeduldig is als wij.
In november / december '23 zijn er gesprekken gevoerd door het projectteam met potentiële overname kandidaten. Hieruit is een advies voortgekomen naar de directie van het Leger des Heils Oost.
Zij gaan 9 januari bekendmaken wat het vervolg hiervan is. Uiteraard hopen (en vertrouwen) wij op een overname zodat Hospice Rozenheuvel haar werk kan voortzetten. We houden je op de hoogte via de socialmedia kanalen van Hospice Rozenheuvel en bij de nieuwsitems op deze website en de website van de Vrienden van Hospice Rozenheuvel.
Volgende week gaat het in de gemeenteraad weer over het kasteel wat moet ermee gebeuren, onze petitie is al verstrekt maar om meer steun bij te zetten en de motie die ingediend gaat worden door verschillende fracties willen wij richting de 1000 handtekeningen.
Help het kasteel te behouden en zijn meerdere marktpartijen welke deze willen afmaken zonder steun van de gemeente Almere, dan komt er eindelijk een inkomstenbron ( te denken aan toeristenbelasting) voor de gemeente Almere jaar op jaar en met woningen worden nog de gemeente nog de inwoners geholpen.
Stuur het rond binnen je vrienden, familie, buren en dergelijke .
Ons verzoek is onder de aandacht bij de directeur HR van TempoTeam gebracht en deze heeft in haar reactie laten weten met het management van Spaklerweg deze door te geven. Omdat wij niet alle mailadressen in ons privé bestand hebben, kunnen we lang niet iedereen bereiken. geef het door svp.
Allereerst wensen we je gelukkig nieuwjaar!
Vandaag 2 januari hebben we ons pamflet Daarom JA tegen vluchtelingen in Houten-Oost wereldkundig gemaakt. In dit pamflet verduidelijken we aan de hand van 10 stellingen ons standpunt over het plan voor een 'Houten Hub' in Houten-Oost.
Je kunt het pamflet hier downloaden.
Het pamflet is vandaag onder meer gemaild naar de Houtense raadsfracties, het college van B&W, en lokale en landelijke media.
Ook zijn wij van plan de resultaten van onze petitie op 23 januari te overhandigen aan burgemeester Gilbert Isabella.
Het worden dus drukke en spannende weken.
https://www.youtube.com/watch?v=SjRyDZD-1ko&t=1s.
https://www.youtube.com/watch?v=zMAmc7_Gmd4&t=87s.
Ruim 22.000 mensen hebben een aanvraag gedaan voor een speciale schadevergoeding van 5000 euro voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid rekende aanvankelijk op zo'n 2000 aanvragen, dat zijn er dus al ruim tien keer zoveel.
Driekwart van de kinderen die vanaf 1945 in de jeugdzorg werden opgevangen - in pleeggezinnen en instellingen - kreeg te maken met fysiek, seksueel of psychisch geweld of was daar getuige van.
1 op de 10 was zelf slachtoffer.
Dat bleek uit een groot onderzoek in 2019 door een speciale commissie onder leiding van hoogleraar pedagogiek Micha de Winter. De kinderen werden decennialang onvoldoende beschermd door de overheid, was de conclusie.
https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/5355165/schadevergoeding-geweld-jeugdzorg-ministerie-van-justitie#:~:text=Ruim%2022.000%20mensen%20hebben%20een,al%20ruim%20tien%20keer%20zoveel.
Kinderen die uithuisgeplaatst zijn, behoren in de eerste plaats veilig te zijn. Toch blijkt een aanzienlijk percentage van de kinderen die van 1945 tot heden in jeugdzorginstellingen of pleeggezinnen verbleven onvoldoende te zijn beschermd tegen fysiek, psychisch en seksueel geweld.
Hoewel dit zeker niet voor iedereen geldt, beschouwen deze ex-pupillen hun bejegening als liefdeloos en zeer hard. Toezichthoudende instanties hebben bij geweld onvoldoende ingegrepen.
Dat schrijft de Commissie De Winter in haar eindrapport “Onvoldoende beschermd, geweld in de Nederlandse jeugdzorg van 1945 tot heden”, dat vandaag is aangeboden aan de ministers De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) en Dekker (Justitie en Veiligheid).
Aard en omvang van het geweld Slachtoffers meldden over de jaren voor 1970 fysiek en psychisch geweld dat vooral uitgeoefend werd door groepsleiding en pleegouders. Na 1970 verschuift dit naar meer fysiek geweld van pupillen onderling. Het psychisch geweld blijft ook in die periode aanwezig
Ook in de meest recente periode vinden veel betrokkenen - jeugdigen en groepsleiding - het klimaat nog onveilig, vooral in de gesloten jeugdzorg, de justitiële jeugdinstellingen en de opvanglocaties voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen.
Voor ex-pupillen blijkt psychisch geweld, zoals aanhoudend treiteren, vernederen en isoleren van grote invloed op hun latere leven. Veel genoemd worden psychosociale gezondheidsklachten, relatieproblemen en problemen met het opvoeden van eigen kinderen.
De commissie schat op basis van representatief onderzoek dat 1 op de 10 personen die ooit in de jeugdzorg verbleven, vaak tot zeer vaak geweld meemaakte. Bijna een kwart van de ondervraagden heeft nooit geweld meegemaakt. Uit datzelfde onderzoek bleek dat geweld in pleeggezinnen minder voorkwam dan in instellingen. Deze cijfers bevestigen het beeld van de commissie dat niet alle uit huis geplaatste kinderen in de jeugdzorg geweld ondervonden. Deelnemers aan het onderzoek rapporteerden ook goede ervaringen.
Oorzaken van geweld Een belangrijke onderzoeksvraag van de commissie was hoe dit geweld heeft kunnen gebeuren. Verschillende factoren hebben daarbij een rol gespeeld. De negatieve maatschappelijke kijk op het uit huis geplaatste kind werkte lange tijd geweld in de hand: strenge tucht werd veelal gezien als de manier om onmaatschappelijkheid en moreel verval van kinderen te bestrijden. In financiële zin is de Nederlandse jeugdzorg permanent onderbedeeld geweest, waardoor er onvoldoende middelen waren om geschikt personeel te vinden en voor langere tijd aan zich te binden. Onvoldoende professionaliteit (bijv. opleiding en methodieken) blijkt een belangrijke oorzaak van geweld, evenals het bij elkaar plaatsen van grote groepen kwetsbare kinderen. Een uitgebreide wet- en regelgeving die het kind beschermde, kwam pas in de jaren 90 van de grond. Een bredere professionalisering van de jeugdzorg zette pas in de jaren 90 door, en is ook heden ten dage nog niet af.
Het toezicht op de kinderen in instellingen en pleeggezinnen heeft in de gehele periode grote manco’s gekend. Doorgaans werd bij geweld niet ingegrepen. Pupillen konden of durfden niet over geweld te praten. Als er sprake was van geweld konden ze vrijwel bij niemand terecht. Het toezicht door Inspecties was in de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog marginaal. Het uitgangspunt was dat de verantwoordelijkheid bij de particuliere instellingen lag. De toezichthoudende rol van de overheid werd in de jaren 70 groter, maar bleef in de praktijk daarna vooral op afstand. Uit het onderzoek komt naar voren dat de overheid, - uitgezonderd bij grote calamiteiten-, nauwelijks op signalen van geweld reageerde.
Aanbevelingen Het onderzoek van de commissie heeft geen gemakkelijk verhaal opgeleverd. Een aanzienlijke groep minderjarigen die onder verantwoordelijkheid van de overheid uit huis is geplaatst, is onvoldoende tegen geweld beschermd. Kinderrechten zijn geschonden en levens beschadigd. Ernstig en langdurig geweld kan niet volledig worden verklaard uit de destijds heersende pedagogische opvattingen. De commissie vindt dat alle betrokken partijen ruimhartig hun verantwoordelijkheid voor het geweld moeten accepteren.
De commissie doet verschillende aanbevelingen. In de eerste plaats is het van belang om slachtoffers van geweld in de jeugdzorg erkenning te bieden. Zo is het nodig dat het kabinet en de verschillende brancheorganisaties in de jeugdzorg erkennen dat te weinig is gedaan om geweld te voorkómen en te doen ophouden. De commissie pleit ervoor dat de lotgenotenorganisaties de komende jaren ruimhartig worden ondersteund. De honderden slachtoffers waarmee de commissie heeft gesproken, hebben vrijwel allemaal te kennen gegeven dat hun verhalen blijvend gehoord en verteld mogen worden. De archieven van de commissie moeten daarom publiek toegankelijk worden, uiteraard met inachtneming van de privacyregels. Ook is het volgens de Commissie van belang dat het hulpaanbod voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg verbetert.
Andere aanbevelingen zijn erop gericht de jeugdzorg in de toekomst veiliger te maken. Daartoe moeten plaatsingen in gesloten instellingen zoveel mogelijk worden voorkomen, de groepsgrootte worden verkleind, en moeten jongeren toegang krijgen tot onafhankelijke vertrouwenspersonen. Het toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd zou meer veldbezoeken en gesprekken met kinderen en jongeren moeten omvatten, waarbij geweld een vast gespreksthema is. De commissie stelt ten slotte voor dat de Kinderombudsman toezicht houdt op de daadwerkelijke implementatie van deze aanbevelingen.
https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2019/06/12/eindrapport-commissie-onderzoek---de-winter-kinderen-werden-vanaf-1945-in-de-jeugdzorg-onvoldoende-beschermd-tegen-geweld